Grondslagen voor de begroting 2027-2030

Grondslagen voor de begroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030

Terug naar navigatie - Grondslagen voor de begroting 2027-2030 - Grondslagen voor de begroting 2027 en meerjarenraming 2028-2030

Uitgangspunten
In deze paragraaf zijn de grondslagen en kaders waarlangs onze begroting 2027-2030 is uitgewerkt opgenomen. Deze zijn overeenkomstig de door de raad in de Perspectiefnota 2027 vastgestelde kaders. Dit betreft de gehanteerde indexeringen, heffingen, rekenrente en de bijdrage aan gemeenschappelijke regelingen.

Algemeen
1. De begroting is structureel sluitend in 2027. Lukt dat niet dan is in ieder geval de laatste jaarschrijf structureel sluitend. Dat houdt dat de jaarlijkse, structurele, uitgaven gedekt moeten zijn met structurele inkomsten.
2. De begroting en meerjarenraming stellen we op in constante prijzen. Dat houdt in dat alleen voor het eerstkomende jaar de uitgaven en inkomsten worden geïndexeerd voor prijsontwikkeling. Vervolgens ramen we de volgende jaren op het zelfde prijsniveau.
3. Tarieven voor leges en retributies zijn 100% kostendekkend, tenzij andere afspraken zijn gemaakt.

Indexering
1. De salarisbudgetten zijn geraamd op basis van de in 2025 tussen VNG en gemeenten afgesloten CAO.
2. De prijsindex voor de gemeentelijke budgetten en hiervan afgeleid de trendmatige prijsindex voor OZB (excl. de OZB-aanpassing als onderdeel van het maatregelenpakket ombuigingen) en overige belastingen in 2027, worden aangepast conform de indexering prijs bruto binnenlands product (pbbp) zoals opgenomen in de meicirculaire 2026.
3. De indexering voor inkomensoverdrachten en subsidies is een combinatie van een loongevoelig deel (2/3e) en een prijsgevoelig deel (1/3e). Basis is het pbbp en de loonvoet sector overheid zoals opgenomen in de meicirculaire 2026.
4. Voor de indexering van het sociaal domein (kosten derde partijen) wordt voor de zorgkosten WMO en Jeugdzorg de OVA index 2026 (Overheidsbijdrage in Arbeidskostenontwikkeling) gevolgd. Dit is overeenkomstig het advies van de VNG.

Overig
1. De verbonden partijen geven jaarlijks hun begroting ter goedkeuring aan de gemeente. De goedgekeurde (vastgestelde) begroting wordt verwerkt in de gemeentelijke begroting.
2. Voor nieuwe investeringen wordt een rentepercentage van 3,5 % aangehouden.

Soort budget Index
Loon/prijsgevoelige budgetten (b.v. subsidie) 3,63 %
Prijsgevoelige budgetten 2,5%
Sociaal domein (Jeugd en Wmo) 3,59 %


Belastingen en heffingen
De tarieven voor 2076 leggen wij, zoals gebruikelijk, ter besluitvorming voor aan de raad. De besluitvorming vindt plaats in de raadsvergadering van 16 december 2026.  Voor OZB is in een bij de behandeling van de Perspectiefnota 2027 aangenomen motie bepaald dat de opbrengstraming met 15,83% zal toenemen. Op basis hiervan en de ontwikkeling van de waarde van woningen en van niet-woningen worden de tarieven 2027 berekent.

Omslagrente
Via het taakveld Treasury worden de financieringskosten aan de overige gemeentelijk taakvelden doorberekend. Dit gebeurt op basis van de boekwaarde van de onderliggende investeringen. De rente die hiervoor gehanteerd wordt is de omslagrente investeringen. Deze rente wordt jaarlijks vastgesteld op basis van de richtlijnen van de BBV. De omslagrente voor 2027 is 0,01%, afgerond 0% (evenals in 2026). Door de stijging van het huidige rentepercentage voor leningen verwachten wij dat de omslagrente de komende jaren wel zal gaan stijgen.

Ontwikkelingen inwoners en woningen
De ontwikkeling van het aantal inwoners en woningen zijn belangrijke maatstaven voor de verdeling (hoogte) van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. 

Omschrijving     2026 2027* 2028* 2029*
Inwoners 25.184 25.184 25.184 25.184
Woonruimten 13.064 13.064 13.064 13.064

*) prognose ministerie BZK